Interview: Jandy Nelson

Eigenlijk was het Jandy Nelsons plan om een YA-gedichtenbundel te schrijven, maar voor ze het wist, zat ze midden in het verhaal dat uitgroeide tot haar succesvolle debuut De hemel begint bij je voeten.

Kun je vertellen hoe dat schrijfproces verliep?
‘Voordat ik van plan was om een fictief verhaal te schrijven, zag ik een meisje voor me dat een gedicht aan het schrijven was. Ze was verdrietig omdat ze haar zus net had verloren, maar ik zag ook dat ze verliefd zou worden. Ik begon over haar te schrijven en ineens zat ik middenin een roman. Wat ik doodeng vond, maar toen ik eenmaal bezig was, wilde ik niets liever meer. Het bijzondere eraan is dat je twee levens tegelijkertijd leeft en deel uitmaakt van een andere wereld.’

De personages in je boeken zijn zo realistisch dat ze bijna uit de pagina’s kruipen. Hoe krijg je dat voor elkaar?
‘Misschien doordat ik heel veel tijd met ze doorbreng. Ik schrijf extreem langzaam, waardoor ik mijn personages ontzettend goed leer kennen. Over De hemel begint bij je voeten heb ik twee jaar gedaan en over Ik geef je de zon drieënhalf jaar. Ik geef je de zon schreef ik in mijn pyjama in een compleet donkere kamer. Het enige licht dat ik zag, was dat van m’n beeldscherm. Op die manier werken, hielp mij om nog beter in het hoofd van mijn personages te komen en alles om me heen te blokkeren.’

Verzin je alle personages zelf of baseer je ze soms ook op de mensen om je heen?
‘Ik denk dat mijn personages een mooie mix vormen van mensen om me heen en eigen verzinsels. In De hemel begint bij je voeten lijkt oom Big op mijn oudere broer. Zo probeert hij insecten tot leven te wekken in zelfgemaakte piramides. Wij hadden vroeger thuis in de kelder ook van die piramides staan en daar zette mijn broer altijd fruit of bloemen onder in de hoop dat ze daar verder zouden groeien. En de bijgelovigheid van Jude in Ik geef je de zon komt van mijn moeder en oma.’

Wie zijn je favoriete personages in je boeken?
‘Ik hou evenveel van al mijn personages, al had ik wel een speciale band met Noah uit Ik geef je de zon. En wat bijzonder was aan Lennie in De hemel begint bij je voeten is dat ik in diezelfde tijd ook iemand had verloren die me heel dierbaar was. Daar was ik net als Lennie ontzettend verdrietig over. Terwijl ik haar verhaal schreef, voelde het alsof we samen op een soort ontdekkingsreis waren. Alles wat zij ontdekte over verlies, ontdekte ik met haar. Daarom zijn Lennie en het boek heel speciaal voor me.’

Ik geef je de zon en De hemel begint bij je voeten zijn twee totaal verschillende boeken en toch lijken ze door op elkaar door overlappende thema’s als verdriet, liefde en familie. Is dat toeval?
‘Het grappige is dat als ik een boek aan het schrijven ben en het bijna af is het onderwerp voor een nieuw verhaal zich elke keer vanzelf aandient. Alsof het op de deur klopt en zegt: “hier ben ik.” Op zo’n moment ben ik vooral met het verhaal bezig en niet zozeer met de thema’s die erin terugkomen. Laatst zei iemand dat ik veel over relaties tussen broers en zussen schrijf. Dat klopt, al heb ik daar zelf nooit zo bewust bij stilgestaan. Maar er zijn inderdaad onderwerpen waarover ik graag schrijf, zoals liefde, familie, Californië, kunst, muziek, eten en boeken.’

In De hemel begint bij je voeten leest Lennie Woeste hoogten van Emily Brontë helemaal stuk. Heb jij ook van die boeken waarvan je geen genoeg kunt krijgen?
‘Oh ja, ik ben gek op de boeken van Gabriel García Márquez, vooral Honderd jaar eenzaamheid van hem vind ik prachtig. Alle boeken van Virginia Woolf vind ik fantastisch en herlees ik vaak. Verder lees ik veel poëzie. Mijn favoriete dichter is Ilya Kaminsky, hij heeft de bundel Dancing in Odessa geschreven waarin ik heel graag lees. Mooie YA-boeken vind ik Achter de maan van Sharon Creech, Het grote misschien van John Green, Vertel de waarheid van Laurie Halse Anderson en Weetzie Bat van Francesca Lia Block. En dan vergeet ik er vast nog een heleboel.’

Wat is voor jou het leukste onderdeel van schrijver zijn?
‘Ik ben gek op het schrijven zelf en vind het heerlijk om in de wereld van het boek te leven. Nu ben ik mijn boeken aan het promoten, wat ik ook leuk vind, maar toch kan ik niet wachten tot ik daarmee klaar ben en gewoon weer lekker verder kan met schrijven. Al zijn er in het schrijfproces ook af en toe lastige momenten. De structuur van een verhaal goed op orde brengen, is vaak best een ingewikkeld puzzeltje. Als ik daarmee bezig ben, hoor ik m’n hersens soms bijna letterlijk kraken.’

Heb je bepaalde rituelen als je aan het schrijven bent?
‘Naast dat ik in mijn pyjama werk, heb ik altijd oordopjes in en drink ik liters groene thee. Ik schrijf het lekkerst als ik héél vroeg opsta, als het lukt, stap ik al om vijf uur ’s ochtends mijn bed uit. Dan ben ik op m’n best.’

Warner Bros heeft de rechten van allebei je boeken gekocht. Vond je het eng om die uit handen te geven?
‘Het is vooral leuk en spannend. Met Ik geef je de zon zijn we al aardig op weg. Het script is af. Waar ik blij mee ben, is dat de onderdelen en scènes die ik belangrijk vind erin zijn gebleven. Natuurlijk was het even slikken dat niet alles uit mijn boek is overgenomen, maar dat is onvermijdelijk als je een verhaal van vierhonderd pagina’s in een film van anderhalf uur wilt stoppen.’

Heb je een wensenlijstje met acteurs die de personages uit je boeken het beste zouden kunnen vertolken?
‘Oh ja, vooral voor de bijfiguren. Zo zou Guillermo uit Ik geef je de zon perfect gespeeld kunnen worden door Javier Bardem en Omie uit De hemel begint bij je voeten door Susan Sarandon. Iemand zei tegen me dat Elle Fanning geknipt zou zijn voor Jude. Daar werd ik zelf ook wel blij van.’

Kunnen fans naast de twee films ook uitkijken naar een nieuw boek?
‘Zeker, dat ben ik nu aan het schrijven. Het begon als een verhaal over drie broers die allemaal vernoemd zijn naar jazztrompettisten: Dizzy, Wynton en Miles. Maar elke keer als ik over Dizzy schreef, veranderde ik ‘hij’ in ‘zij’. Het voelde alsof Dizzy me wilde vertellen dat ze een meisje was. Dus nu gaat het over twee broers en een zus die in een stoffig wijnstadje wonen. Hun vader is zestien jaar geleden verdwenen en het verhaal begint als er ineens een nieuw meisje in het stadje opduikt. Ik hoop dat het verhaal in 2017 uitkomt, maar pin me er niet op vast, want zoals ik al zei: ik ben geen snelle schrijver.’

Delen

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *